Oefening in matigheid

Het jaar ben ik goed begonnen. Ik ben serieus aan het opruimen. Alles wat geen joy sparkt, verlaat ons huis.

Op één januari, als iedereen nog slaapt, kijk ik ’s ochtends met een kopje koffie en een koude oliebol op Netflix naar de nieuwe serie van opruimgoeroe Marie Kondo. Amerikanen die in de loop der tijd hun huizen hebben laten dichtslibben met enorme voorraden meuk, ruimen op onder leiding van deze grappige Japanse vrouw. Ik denk aan mijn eigen huis en wat daar te veel in staat.

Een paar jaar geleden werd ik fan van Kondo’s opruimmethode. Wat geen joy sparkt (plezier geeft), doe je weg. Om de joy-spark-factor makkelijker te kunnen bepalen, laat Kondo mensen hun spullen per categorie (kleding, boeken, papieren, overig, persoonlijke bezittingen) uit alle hoeken en gaten van hun huis bij elkaar zetten, zodat pijnlijk zichtbaar wordt dat je verspreid over je huis en schuur bijvoorbeeld 10 leren handtassen hebt of 7 nagelschaartjes of 14 losse fietslampjes. Ook heeft ze een kledingopvouwmethode, zodat je makkelijker ziet wat je in de kast hebt liggen. 

Ik was een enthousiaste Kondo-volger, maar niet haar allerbeste. Mijn kleding- en rommelvoorraad dunde ik drastisch uit, maar ik rolde geen keurige rolletjes van mijn shirts en mijn sokken. Ook smokkelde ik met het spark-joy-principe: ik hield stiekem ook een enorme voorraad van spullen waar ik ooit nog wel iets mee zou kunnen. Wellicht een joy spark in de toekomst, was mijn redenering.

Omgevallen kledingbulten 

Nu ga ik in de herkansing. En het gaat geweldig. Kapotte kleding repareer ik, plastic soup kleding gaat zonder pardon in de kledingcontainer én ik maak rolletjes van mijn t-shirts. Wat blijkt: ik heb gewoon nog genoeg t-shirts. Alleen lagen ze ergens achter omgevallen kledingbulten. De t-shirts worden rolletjes in een la. Het is ongelooflijk. 

Van de dingen ‘waar ik ooit nog iets mee zou kunnen’, verdwijnen er enorm veel. En wat blijkt, als je niet smokkelt, vallen de spullen met verhuisdozen tegelijk uit de categorie ‘spark joy’ in de categorie ‘mag weg’.

T65 de Luxe

Oranje Mepal bekers, een meter boeken van de uitgeverij waar ik vroeger werkte, een oud koekblik waar ik niets in bewaar, een doos porseleinen koffiekopjes van de opgeheven RABO-bank uit mijn dorp (leuk, maar te veel), de te kleine schaatsen van de kinderen, de prachtige smaragdgroene PTT telefoon (T65 de Luxe) met een klein defect aan de draaischijf (door mij gered van de afvalbult, maar nooit gebruikt), de geërfde gele plastic sixties lampen (geel is niet mijn kleur), het zonnebloemschilderij van oma en dat verdraaid handige stukje rode ribfluweel waar je nog precies één Gispenstoel mee kunt bekleden, ze vertrekken naar ze vertrekken allemaal naar de Dorcas kringloopwinkel of naar Marktplaats.

Maar de suikerzakjesverzameling van de rommelmarkt blijft (te veel joy), mijn zwemdiploma-A-vignet blijft (duidelijk joy, erg mijn best voor gedaan) en het extra spinnewiel dat moet worden opgeknapt blijft ook (categorie: concreet project en joy).

Rommelverantwoordelijkheid

Marie Kondo zou tevreden over me zijn. Het uitzoeken, inpakken en wegbrengen of op Marktplaats zetten, kost allemaal enorm veel tijd en juist daarom is deze oefening in matigheid voor mij zo goed. Ik ben verantwoordelijk voor mijn eigen rommel. Alles weggooien is geen optie. Dit gaat mij niet weer gebeuren. Bovendien schaam ik me behoorlijk wanneer ik mijn enorme hoeveelheid spullen — waarvan ik blijkbaar ooit heb gedacht dat ik ze nodig had – bij de kringloop aflever. 

Binnen een week merk ik dat ik heel anders door de stad loop. Ik zie allemaal winkels met spullen die ik niet nodig heb en waar ik dus niet over hoef na te denken. Heel rustgevend. Alleen als er wat stuk gaat dat niet gerepareerd kan worden, koop ik nog iets. Mijn koopbereidheid is gedaald tot een absoluut minimum.

Rustgevend voor nu, maar ook voor later, want wat ik nu niet koop, hoef ik over een paar jaar ook niet naar de kringloop te brengen of op Marktplaats te zetten. Ik vind het geweldig. Ik ga tijd overhouden.

Minder gunstige tijd voor aankopen

Ik ben niet de enige die minder koopt. ’Grootste daling consumentenvertrouwen in ruim 7 jaar’ lees ik in de krant. En: ’Ook de koopbereidheid is lager.’ Ik vind het goed nieuws, maar zo is het niet bedoeld. Het bericht is bedoeld als waarschuwing. Gedaald consumentenvertrouwen is een slecht voorteken. ‘Verder vinden zij de tijd voor het doen van grote aankopen minder gunstig.’ Consumenten willen wel meer kopen, maar ze kunnen of durven niet. De economie zou wel eens kunnen stoppen met groeien. 

Prima lijkt mij. Goed. De aarde kan onze zucht naar spullen niet meer aan. Ik vind het een extreem slechte tijd voor het doen van aankopen in het algemeen. Laten wij ons eerst maar eens redden met wat we al hebben. Dat is al veel te veel.

Nieuws van de Marktplaatsapp. Een koper voor de smaragdgroene PTT telefoon. Ik ben blij dat de T65 de Luxe ondanks het kleine defect aan de draaischijf weer joy gaat sparken voor iemand anders.