Boodschappen doen zonder haast

In heel veel producten zit tegenwoordig palmolie. Het oerwoud van een onschuldige oran oetang aan de andere kant van de wereld laten kappen voor mijn boodschappen, dat wil ik natuurlijk niet. Toch at ik laatst een suikerbrood gemaakt van palmolie.
 
Even snel iets voor bij de thee meenemen, dacht ik in de supermarkt. Ik kocht een suikerbrood. Thuis sneed ik een plak af, besmeerde die met biologische roomboter en nam een hap. Lekker. Ik nam een slok thee en keek naar de zak. Onderop zat een sticker. Ik las wat erop stond. Ik had te haastig boodschappen gedaan. 
 
Haast
Ik dacht altijd dat ik verstandig inkopen doe. In de supermarkt doe ik boodschappen met uitgebreide etiketteninspectie. Als er palmolie op staat, rare E-nummers, woorden die heel kankerverwekkend klinken of het komt van ver weg, dan koop ik het niet.
 
Maar toen kocht ik in mijn haast toch dat domme suikerbrood. En een paar dagen later bleek ik even snel een alcoholvrij biertje te hebben gekocht met de verontrustende ingrediënten ammoniakkaramel en polypropyleenglycolalginaat. Mijn etiketteninspectie bleek te falen bij haastig boodschappen doen. Ik had dringend een beter boodschappensysteem nodig.

Rozemarijn met hexaan, ethanol en aceton
Om meer te weten over mijn supermarktboodschappen las ik het boek Swallow This van de Engelse journaliste Joanna Blythman. Zij onderzocht de werkwijze van supermarktvoedselindustrie. In haar boek beschrijft ze hoe voedselproducenten echt wel weten dat wij de etiketten lezen en niet van E-nummers houden. Ze doen er alles aan om die E-nummers te vervangen door vriendelijker klinkende ingrediënten als extracten of natuurlijke kleurstoffen. Een voorbeeld daarvan is E392, dat tegenwoordig op etiketten staat als rozemarijn extract. Dat klinkt leuk en gezond, maar is feitelijk in hexaan, ethanol en aceton opgeloste rozemarijn.
Wat ik las in Blythmans boek maakte me niet blij, maar ik wist nu tenminste dat mijn etiketten lees-stategie in de supermarkt weinig zinvol was, omdat die etiketten mij niet echt vertellen wat ik eet.
 
Denkbeeldige etiketten
Op vakantie zag ik in in Italië en Frankrijk dat het ook anders kan. Daar zag ik tomaten met de tekst ‘gekweekt zonder pesticiden’. Gewoon groot met grote letters op de verpakking. En koekjes met de tekst ‘zonder palmolie’. 
 
Dat komt in de buurt van mijn gedroomde etikettensysteem, helder als een weeralarm: code geel – als je dit koopt, verpest je de natuur. Code oranje: als je dit koopt, verpest je de natuur en veroorzaak je klimaatverandering,  Code rood: als je dit koopt, verpest je de natuur, veroorzaak je klimaatverandering en kun je zelf ziek worden. 
 
Dit wordt voorlopig mijn oplossing, heb ik besloten. De denkbeeldige weeralarm-etiketten gebruik ik voortaan bij het boodschappen doen. Dankzij Joanna Blythman weet ik dat de meeste producten in de supermarkt een rode sticker verdienen. Die denkbeeldige rode stickers maken het makkelijker om beter mijn best te doen voor mijn boodschappen en niet toch snel even iets te kopen wat niet deugt. Ik wil zoveel mogelijk code groen: minder naar de supermarkt, meer verse spullen kopen en meer zelf maken.
 

En geen haast hebben dus.